top of page
  • daniellestals

Arte (P.) Colder, kunstenaar en alchemist

Serie Perron C.


In de huiskamer van kunstenaar Arte Colder (1985) hangt een ets van Lucebert met een orgie vol details. Het meest in het oog springend: een vrouw met weelderig beenhaar die met haastige tred voorbij schiet. Daarnaast hangt de Mona Lisa in de versie van Marcel Duchamp. Haar zorgvuldig gepommadeerde snor steekt fier overeind, aan haar kin een puntig sikje, alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Aan de overkant hangt een portret gemaakt door Han Hoogerbrugge waarop Arte zelf staat afgebeeld met een zonnebril en ontbloot bovenlijf, a la Lou Reed. Coney island baby?... ‘Zeg, had Lou Reed niet ook een muze die transgender was?’ Vrouwen die ook mannen mogen zijn, mannen die ook vrouwen durven zijn. Ze bevolken de muren van dit appartement. En één ding is zeker: ze zijn allemaal zichzelf.





Mannen die vrouwen zijn, en vice versa

Arte zit op de bank, en trekt nog eens bedachtzaam aan zijn shaggie. Hij weegt zijn woorden goed af voordat hij iets zegt, alsof hij even accuraat is in zijn taal als in zijn kunstwerken. Op de rugleuning ligt zijn kat die afwachtend kijkt met een vragende blik alsof hij wil zeggen: ‘Anymore questions dear?’ ‘Hij gaat hier altijd liggen, lacht Arte, ‘Op deze plek in de bank heeft zich zelfs een uitsparing gevormd in de vorm van zijn onderlijf!’ Dit lijkt wel een tafereel voor een kunstzinnige foto. Maar het is geen pose, ze zijn echt. Ongedwongen zichzelf. Wordt het leven hier soms kunst en andersom? En heet hij dan misschien toch echt Arte Colder?


‘Ja’, zegt Arte, ‘Het is ongelooflijk, maar mijn ouders hebben me echt zo genoemd!’ Dat verzin je toch niet? Lotsbeschikking lijkt het. Een jongen die Arte heet en die vanaf zijn 15e levensjaar daadwerkelijk keihard aan het werk is om als kunstenaar te worden wie hij is? Die op zijn 17e een Bachelor of Fine art ging doen in Breda en er vervolgens een Master in Den Bosch achteraan plakte. Die sinds een paar jaar is verbonden aan Perron C, maar die nu vanwege drukte bij de creatieve broedplaats even vanuit zijn eigen huis werkt ‘ik moet alle ruis kunnen uitschakelen als ik werk. Liefst met muziek op de achtergrond.’ Lou Reed misschien? Ja hoor, graag.


Colder(iek)? En dan dat ‘Colder’. Dat klinkt uiteraard kolderiek. ‘Zeg, heb je dan af en toe ook wel eens een beetje de kolder in de kop?’ 'Ik heb zo nu en dan mijn melancholieke periodes, maar die zijn achteraf een grote bron van inspiratie’. Tsja, welke grote artiest heeft niet zo nu een dan the blues? Om jezelf te kunnen zijn moet je ook de ‘zelf’kant van jezelf kennen. De kunstenaar en de zot zijn een en dezelfde.

‘Maar nu we het toch over de naam hebben. Misschien moet ik er een letter tussen zetten. Je hebt toch ook Wim T. Schippers of Peter R. De Vries en John F. Kennedy? Als ik er eens de P. van Pieter tussen zet, dat is mijn tweede naam. Zou dat garant staan voor groter succes?!’, grinnikt hij. Klinkt goed. Arte P. Colder. Later als hij de naam op schrift ziet staan wordt hij plots razend enthousiast. ‘Ja, nu zie ik het! Arte P. Colder moet het zijn, want als je de woorden omdraait dan staat er ‘Petra Redloc’, mijn vrouwelijke equivalent!’ Ja hoor, alleen een kunstenaar bedenkt zoiets briljants. Goed idee! Bij dezen de primeur: Arte P. Colder zal het zijn. De man en de vrouw verenigd in één naam.


Majke Hüsstege Mannelijkheid en vrouwelijkheid spelen een grote rol in zijn recente werk. Symbolisch. Na een aantal jaren ploeteren en van heel weinig geld rondkomen heeft het er alle schijn van dat Arte (P.) Colder gaat doorbreken. Hij kwam terecht bij de galerie van Majke Hüsstege uit Den Bosch. Samen met zijn collega en vriend Gijs van Lith - die meer abstracte werken maakt – wordt zijn werk nu tentoongesteld op grote kunstbeurzen met internationaal elan. Onlangs werden ze geëxposeerd op PAN Amsterdam en momenteel maakt Arte zich op voor ART Rotterdam, dat door het Franse Le Monde ‘een van de beste beurzen van het moment’ werd genoemd.



Transgender Nudes En daar zullen ze van 5 tot en met 8 februari te bewonderen zijn. De werken waarin Arte, na een zoektocht van jaren, heel dicht bij zichzelf komt. De serieTransgender nudes. ‘Nee, nee ik ben zeker niet letterlijk transgender’, haast hij zich te zeggen, ‘het is voor mij symbolisch.’ Het gaat om tegenstellingen en in de ruimte daartussen ontstaat iets waars en unieks. Wie de recente werken bekijkt op zijn Instagrampagina kan zich vergapen aan allerlei bijzondere creaturen. Sommigen lijken bizarre personages die weggelopen zijn uit een absurdistische comedy zoals Little Britain en tegelijk zijn ze bloedserieus en geloofwaardig in hun eigenheid. Op iedere tekening staan een transgenderman en een transgendervrouw afgebeeld, vaak door elkaar heen, alsof ze vergroeid zijn met elkaar of zwanger van de ander. Ze lijken letterlijk tot leven te komen, alsof ze zo vanaf het papier de kamer in komen lopen. Ze zijn allemaal uniek, sommige gekweld andere vrolijk. Of allebei. Gespleten en tweeslachtig. Vaak zijn ze kwetsbaar, precies vastgelegd op een moment dat niemand lijkt te kijken, behalve Arte. Subtiele fallussymbolen – zoals de tuit van een fluitketel - sieren een pentekening, waarop twee mannen zich aan een fornuis bevinden - en een taartje met een kers erop, bij wijze van borst, geeft het geheel meteen iets absurds.





Arte en jezelf Arte: ‘Alle figuren zijn inderdaad zichzelf. De beste kunst gaat denk ik op een of andere manier altijd over de kunstenaar zelf. Zelfportretten in de breedste zin van het woord. In zijn eigen werken zijn allerlei tegenstellingen verwerkt. Ze zijn even gedetailleerd als grof. Expliciet en ingetogen. Soms lijken ze misschien obsceen, maar ze zijn tegelijk heel onschuldig en kwetsbaar.’ Ja, het is waar ze zijn evenveel ‘zichzelf’, als Arte met de kat op de bank. Als je naar de Transgenders kijkt, roepen ze bijna ongemakkelijke vragen op over jezelf op de schaal van man tot vrouw. Tijd voor herdefiniëring? ‘Eh.. Arte ik was vroeger Zorro met carnaval, wat zegt dit over mij?! Wie ben ik?!’ Je kunt uren filosoferen over Artes werk. Met of zonder Arte. ‘Want waarom zeggen mensen “he bah!", als mensen tweeslachtig geboren worden?’ ‘En hoe zou de wereld er eigenlijk uit zien als iedereen als hermafrodiet geboren werd? Vragen, vragen. Je moet er gewoonweg over denken, want alle figuren in Artes werk gaan over jou en mij. En tegelijkertijd gaan ze ook allemaal over Arte. Dat is echte kunst.


‘Ars Longa, Vita Brevis’ Het overgrote deel van de afgebeelde mensen op de tekeningen hebben overigens een tatoeage. Op zijn eigen rechterarm staat een veelzeggende tatoeage met een tekst in sierletters. Er staat vast niet de naam van zijn kinderen? ‘Nee,’ lacht Arte, ‘hoewel op een bepaalde manier misschien ook weer wél. Het is wellicht de verzamelnaam van mijn geesteskinderen.’ Over zijn onder- en bovenarm staat een citaat van Hippocrates, de schrijver en filosoof uit de Oudheid: Ars Longa, Vita Brevis: ‘De kunst duurt lang, het leven is kort’. Dat blijkt. Het eeuwenoude citaat van Hippocrates prijkt nog steeds in menig boekenkast en wie weet hangen de werken van Arte P. Colder over vele jaren nog steeds aan muren? Muren met grote namen of muren met kleinere namen. Arte: ‘Ja, kunst lijkt misschien een manier om een beetje onsterfelijk te worden.’ Geesteskinderen leven het langst. Maar het leven is betrekkelijk kort. Arte werkt in ieder geval hard. En Petra Redloc dus vanzelfsprekend ook.

Man zonder rijbewijs ‘Over Petra gesproken: Hoe zit het eigenlijk met het mannelijke en het vrouwelijke in jou ?’ Arte: ‘Er zit zeker een man in mij, maar met redelijk wat vrouwelijke eigen-schappen. Ik ben een zachte en gevoelige man. Vroeger zat ik op judo en voetbal. Bij voetbal was ik technisch héél goed en ik had ook het juiste balgevoel. Alleen… het ruigere werk, daar was ik niet goed in. Dus geen gevaarlijke toeren of slidings. Wat ik ook wel weer vrouwelijk vind aan mijzelf is dat ik nooit mijn rijbewijs heb kunnen behalen. Welke man kan nou niet autorijden! Mijn moeder is trouwens ook geen echte typisch vrouwelijke vrouw, ze doet niet aan nagellak, en ze is het liefst in haar moestuin aan het werk. Lekker baggeren in de modder en daarin diamanten scheppen. En dan mijn vader, die is met de loop der jaren zo niet nog zachter dan ik. En kom ons alsjeblieft niet aan met snelle auto’s! Tegelijkertijd is mijn vader ook een filosoof en een beschouwer, ook daar herken ik mezelf erg in. Vroeger maakten we samen fantastische bouwwerken met speelgoedsoldaatjes die bestonden uit oneindig veel details.’





De familie Colder Dat oog voor detail dat in alle vormen terugkomt in de kunstwerken van Arte, blijkt hij van pa te hebben. Er hangt ook een inkttekening van vader aan de muur, al is die officieel geen kunstenaar, al even gedetailleerd als het werk van Arte. ‘ Maar hij heeft niet altijd het engelengeduld dat ik heb!,’ lacht Arte. De families aan weerszijden hebben zijn werk sterk beïnvloed. Zijn familie is misschien wel zijn allermooiste en dierbaarste bezit ; veel creativiteit en hier en daar uiteraard wat ‘Colder’, het scheppende, maar ook het lijden. Misschien is het als de God Shiva, die hem inspireert, zowel scheppend als destructief is, zowel man als vrouw. Voorheen tekende Arte, geïnspireerd door de prachtige machines uit de textielfabriek van zijn opa en vader, de binnenkant van de machines na. Ze kregen bijna menselijke vormen. Hij smeedde mens en machine symbolisch tot ééngeheel, net zoals hij nu de man en vrouw tot één geheel smeedt. Als een Alchemist, zo omschreef hij zichzelf ooit.


Alchemist Alle lijnen, alle potlood- en penstreken, komen misschien samen in die alchemist? ‘Ja, misschien ben ik wel gewoon een alchemist!’, besluit Arte, ‘een alchemist, niet in de letterlijke zin van het woord, maar iemand die allerlei losse delen, allerlei tegenstellingen, met elkaar probeert te verzoenen. Ze samensmeedt tot een hoger en ideaal geheel.’ Dus ja, ze flitsen voorbij, de losse delen: de vrouw met het beenhaar, de Mona Lisa met de snor, de coole Arte als Lou Reed, Arte P. Colder gearmd met Petra Redloc. Het leven is kunst, kunst is het leven. Een man achter het fornuis omringd door fallussymbolen en taartjes met tepels. Er zijn mannen die vrouwen zijn, en andersom, machines die op mensen lijken. En dan die prachtige familie Colder. Het scheppen, het lachen en het lijden. Allemaal details, allemaal zichzelf, allemaal vervat in Arte P. Colder. En als het je lukt ze op een bijzonder wijze samen te smeden, dan ben je een groot Alchemist. Er wordt ook wel gefluisterd dat Alchemisten streven naar een vorm van mystieke onsterfelijkheid. Tsja, Ars longa, Vita Brevis. De kunst duurt lang. Misschien wel…eeuwig.

--


Comments


bottom of page